|
8 juni 2005
Wereldwijd is de Aziatische consument duidelijk het meest optimistisch, terwijl de grote meerderheid in Europa pessimistisch blijft. Dit blijkt uit het nieuwste wereldwijde on-line onderzoek van ACNielsen naar consumentenvertrouwen.
Deze opgewekte stemming in Azië wordt vooral gevoed door de opkomende consumentenmarkten van China en India, de twee grootste en snelst groeiende ter wereld op dit moment. In Europa daarentegen hebben bijvoorbeeld de Franse, Duitse en Italiaanse economie te maken met negatieve (of minimale) groei, groeiende werkloosheid en politieke onzekerheid.
In het onderzoek, dat tweemaal per jaar on-line wordt gehouden en het grootste is in zijn soort, vraagt ACNielsen consumenten naar hun vertrouwen op het gebied van de economie, wat hun (voorgenomen) uitgavenpatroon is en wat hun belangrijkste zorgen zijn. Het onderzoek vond plaats in mei 2005 en werd uitgevoerd onder 21.100 respondenten in 38 landen in Europa, Azië Pacific, Noord Amerika, Latijns Amerika en de ‘Emerging Markets’.
Op sociaal en economisch vlak ontwikkelen China en India zich nog steeds in een enorm tempo. De economische groei ligt op 8% per jaar of meer, en de consumenten in die landen hebben nu dus een grotere koopkracht dan ooit. Beide landen zitten flink in de lift, met mogelijkheden op het gebied van werkgelegenheid, groeiende investeringen in infrastructuur en stabiele valuta”, aldus Frank Martell, CEO ACNielsen Europa. “Het leven is goed voor de Chinezen en de Indiërs, en het wordt alleen maar beter.”
De Europese consumenten vormen daarmee een schril contrast. Zij vragen zich af of het mogelijk nog slechter kan gaan met de economie van hun land, en velen van hen zien nog geen tekenen van herstel. In de top 10 van de meest pessimistische landen staan 7 Europese landen genoemd.
“Met uitzondering van Ierland, Rusland en Noorwegen is Europa nog erg somber, en de meeste consumenten zien nog geen licht aan het eind van de tunnel”, volgens Martell. In Frankrijk, Italië, Spanje en Duitsland zag de consument de afgelopen 6 maanden zelfs een verslechtering van de situatie – zonder uitzicht op herstel. De Noorse, Deense en Poolse consumenten zagen als enigen in Europa een duidelijke economische verbetering. Voor de komende 12 maanden verwacht ongeveer de helft van de consumenten in Rusland, Ierland en Polen een verdere verbetering. Daarentegen bereiden Griekse (54%), Franse (53%) en Italiaanse (46%) consumenten zich voor op een verwachte nog moeilijker periode en een verdere economische verslechtering.
Martell: “Griekenland kampt al jaren met een slechte economie. De korte Olympische opleving heeft uiteindelijk alleen de diepgewortelde economische problemen van het land benadrukt, zoals een hoge werkloosheid die per kwartaal groeit, en stijgende inflatieniveaus.”
Van de Nederlandse respondenten zegt 21% dat men een verbetering heeft gezien in de economie, tegenover 14% vorig jaar. Het aantal mensen dat de economie zag verslechteren is met 15% gedaald tot 43% . Tegelijkertijd zijn de verwachtingen iet positiever dan in 2004. Meer mensen (38%) denken dat de economie het komende jaar zal aantrekken, en veel minder mensen verwachten een verslechtering van de economie (30%, vs 48% vorig jaar).
Wereldwijd zijn de Indiërs, de Chinezen en de bevolking van Hong Kong het meest optimistisch. 80 procent gaf aan dat zij de economie hadden zien verbeteren in de afgelopen 6 maanden en dat volgens hen een nog stralender toekomst wacht.
In Europa vinden we de gelukkigste consument met het meeste vertrouwen in Ierland. Dit land staat bovenaan de Europese ACNielsen Consumer Confidence Index. “Vergeleken met de rest van Europa groeit Ierland in een stabiel en goed tempo. Het land heeft de afgelopen jaren een gezonde en duurzame economische groei laten zien”, zegt Martell. “Ierland kent een uitzonderlijk sterke werkgelegenheidsgroei, de inflatie is onder controle, een groeiend persoonlijk inkomen, een stabiele financiële situatie en een gezonde groei van de export. De huidige tevredenheid van de Ieren en hun optimisme voor de toekomst komen in ons onderzoek duidelijk naar voren.”
VOORUITZICHTEN WERKGELEGENHEID KOMENDE 12 MAANDEN
Met uitzondering van de Ieren, de Russen en de Noren, zien de Europese consumenten de situatie op de arbeidsmarkt voor de komende 12 maanden niet rooskleurig in. In Duitsland gaf 20% van de respondenten aan dat vooruitzichten voor een baan het komende jaar ‘slecht’ zijn, in Frankrijk was dat 16%. In Nederland is de stemming ook niet positief: ruim tweederde denkt dat het ‘niet zo’n goed’ of een ‘slecht’ jaar zal zijn om een baan te vinden. Zo niet in Ierland en Rusland: daar geeft tweederde aan dat zij hun vooruitzichten juist ‘goed’ vinden.
In Noord Amerika, waar de economie sterker dan verwacht met 3.6% groeide in het eerste kwartaal, gaf de helft van de respondenten aan dat hun vooruitzichten op de banenmarkt ‘goed’ zijn voor de komende 12 maanden.
PERSOONLIJKE FINANCIËN
Opvallend is dat wereldwijd consumenten het ver twee dingen eens zijn. De helft van de consumenten omschrijft hun huidige en toekomstige financiële situatie als ‘goed’, maar geven ook aan dat nu NIET het moment is om grote aankopen te doen.
“Wereldwijd zijn consumenten nog steeds voorzichtig over de onzekere economische situatie en lijken zij voorbereid op een mogelijke plotselinge verandering van omstandigheden. Op dit moment zijn zij terughoudend met het uitgeven van hun geld”, zegt Martell.
Zelfs in de sterk opkomende economieën van China en India zet de gemiddelde consument zijn zuurverdiende centen op een spaarrekening. Uitzondering op deze wereldwijde trend zijn de Denen en de Noren: respectievelijk 6% en 8% vindt dat dit het uitgelezen moment is om te kopen.
In Nederland is de situatie niet veel anders: Bijna de helft van de Nederlandse respondenten heeft aangegeven dat zijn persoonlijke financiële situatie ‘goed’ is, maar bijna driekwart meent dat het nu geen goede tijd is om geld uit te geven.
UITGAVENPATRONEN
Er komen duidelijk regionale uitgavenpatronen naar voren wanneer we vragen naar hoe men zijn geld uitgeeft dat overblijft na aftrek van basisbehoeften.
Wereldwijd gezien zet meer dan eenderde van de consumenten, nl. 36%, zijn geld op een spaarrekening. Daarna volgen entertainment buitenshuis, vakantie en nieuwe kleding.
Het onderzoek werd gehouden begin mei, toen veel Europeanen alweer uitkeken naar hun zomervakantie. Ruim eenderde van de consumenten antwoordde zijn geld uit te geven aan vakantie. Dat is meer dan in welke regio ook. Ook Nederlanders gaan graag op vakantie, maar geven er minder aan uit dan vorig jaar.
Wereldwijd besteden Zuid-Afrikanen het meest aan entertainment buitenshuis, nl. 41%. Vaneen kwart van de Latijns- en Noord-Amerikanen gaat het geld op aan het afbetalen van schulden op bank- of credit cards.
De meest spaarbewuste consumenten komen we in Azië tegen: 51% van de consumenten spaart hun “extra geld”. Geen enkel Europees land staat in de wereldwijde top 10 van super spaarders. Dit ondanks het feit dat wel 40% van de Nederlanders zijn geld spaart. Overigens is dat minder dan in 2004, toen nog bijna de helft spaarde.
Binnen Europa zien we dat Spanjaarden het meest uitgeven aan vermaak buitenshuis. In de Scandinavische landen gaat veel van het “extra geld” zitten in verbeteringen in en om het huis. Dat geldt overigens voor alle Europese landen, waar de uitdrukking “eigen haard is goud waard” het blijkbaar goed doet: maar liefst acht van de tien landen waar men veel geld aan het huis uitgeeft is Europees.
De Fransen zijn mode-bewust, zo blijkt uit hun derde positie op de lijst van landen die het meest uitgeven aan nieuwe kleding: 42% besteedt zijn geld aan een nieuwe zomergarderobe. De Russen doen er met 49% nog een schepje bovenop en staan wat uitgaven aan kleding betreft bovenaan de lijst.
Het is opvallend dat in Noord Amerika maar liefst een kwart van de consumenten aangafgewoon geen geld over te houden als aan alle eerste levensbehoeften is voldaan. In Nederland is het percentage respondenten die dit antwoord gaven overigens gestegen naar 19%. De Koreanen, Grieken en Portugezen zijn het meest voorzichtig met hun geld.
BELANGRIJKSTE ANGSTEN EN ZORGEN
Wereldwijd zijn de belangrijkste zorgen van de consument de economie, zekerheid van werk en gezondheid. Frank Martell: “De economie baart de Aziaten, Europeanen en Noord Amerikanen de grootste zorgen. In Latijns Amerika maakt men zich het meest zorgen om zijn baan, en eenderde van de Zuid Afrikanen noemt Criminaliteit als belangrijkste zorg”.
Ook in Nederland blijft de economie een van de grootste zorgen. In totaal geeft 41% van de respondenten aan dat de economie een van de 2 belangrijkste zorgen zijn. Daarna komen Gezondheid en Criminaliteit. In Europa is de afgelopen 6 maanden ‘gezondheid’ een sterk groeiende bron van zorg voor de consument geweest. De Finnen, Russen, Noren, Denen en Belgen noemen het zelfs als hunbelangrijkste zorg. “De bevolking vergrijst en de overheid snijdt steeds meer in kosten voor de gezondheidszorg. Daardoor gaat het publiek zich steeds meer zorgen maken over zijn gezondheid. In bijna alle landen groeit de druk om de publieke gezondheidszorg en –faciliteiten te vergroten en te verbeteren, zelfs in het positief gestemde Ierland en in de overheden van de Scandinavische landen, die over het algemeen als sociaal verantwoordelijk worden gezien. Gezondheidszorg zal in de toekomst een steeds belangrijker plaats innemen voor de consument”, aldus Martell.
Over ACNielsen
ACNielsen, onderdeel van VNU, is een toonaangevend marktonderzoeksbureau. Het bedrijf,dat services biedt in meer dan 100 landen, meet en analyseert niet alleen marktdynamiek, maar ook houdingen en gedrag van consumenten. Klanten vertrouwen op het marktonderzoek, de eigen producten, de analytische tools en de professionele service van ACNielsen om inzicht te krijgen in prestaties ten opzichte van de concurrentie, nieuwe mogelijkheden bloot te leggen en de winstgevendheid van marketing- en verkoopcampagnes te verbeteren.
Terug naar boven
|